Spring naar inhoud

"Verandering ontstaat juist tussen groepsleden"

Dr. Marjolein Koementas-de Vos is klinisch psycholoog, psychotherapeut en onderzoeker. Ze werkt bij GGZ Noord-Holland en doet onderzoek naar groepsdynamica en groepsbehandelingen. Op de Schierscholing van 18-20 november op Schiermonnikoog, verzorgt zij het onderdeel over de therapeutische relatie in groepstherapie. We spraken haar via e-mail over de bijzondere uitdagingen van werken in en met een groep.

Groepstherapie kent meerdere relaties tegelijk: tussen therapeut en groepslid, maar ook tussen groepsleden onderling. Welke relatie is volgens jou het meest bepalend voor het therapiesucces?

"Eigenlijk zijn alle relaties in groepstherapie van belang: de relatie tussen therapeut en groepslid, de relaties tussen groepsleden onderling en de verbondenheid met de groep als geheel. Net zoals in individuele therapie, is de therapeutische relatie een belangrijke voorspellende factor voor behandeluitkomsten. Tegelijkertijd laat onderzoek zien dat vooral betrokkenheid tussen groepsleden en verbondenheid met de groep sterk samenhangen met therapiesucces. Dat maakt groepstherapie ook uniek: verandering ontstaat niet alleen in contact met de therapeut, maar juist ook tussen groepsleden."

Wat is de grootste valkuil die jij ziet bij therapeuten als het gaat om het bouwen van een therapeutische relatie in een groepssetting?

"Wat ik nog wel eens zie, is dat therapeuten eigenlijk individuele therapie in een groep gaan doen, omdat dat hun vertrouwde werkwijze is. Dan bouw je misschien een sterke band op met één groepslid, maar verlies je het groepsproces uit het oog. Terwijl juist de interacties tussen groepsleden een belangrijk onderdeel van de behandeling zijn."

Hoe ga jij als therapeut om met een groepslid dat weerstand toont, zonder dat dit de veiligheid voor de rest van de groep ondermijnt?

"In groepstherapie hebben verschillende rollen vaak een functie. Iemand die weerstand toont, verwoordt soms iets wat breder leeft in de groep. In plaats van die weerstand direct te corrigeren, probeer ik nieuwsgierig te onderzoeken wat eronder zit. Door het serieus te nemen en te verbinden aan het groepsproces ontstaat vaak juist meer openheid en veiligheid."

Tegenoverdracht speelt in groepstherapie een extra complexe rol — je kunt verschillende reacties hebben op verschillende groepsleden. Hoe benut jij dat actief in je werk?

"Dat vind ik juist één van de interessante kanten van groepstherapie. Verschillende groepsleden roepen verschillende reacties op — bij elkaar, bij mij en soms ook bij de co-therapeut. Dat geeft veel informatie over interpersoonlijke patronen. Door die patronen samen in de groep te onderzoeken, kunnen groepsleden beter begrijpen hoe zij zich ook buiten de therapie tot anderen verhouden."

Veel therapeuten ervaren spanning tussen structuur bieden en ruimte laten in een groep. Hoe beïnvloedt die spanning de therapeutische relatie?

"Die spanning hoort eigenlijk bij groepstherapie en hangt ook af van het therapeutisch kader. CGT-groepen zijn vaak meer gestructureerd, terwijl bijvoorbeeld IPT of psychodynamische groepen meer ruimte laten voor interacties in het hier-en-nu. Te veel structuur kan spontaniteit beperken, terwijl te weinig structuur onveiligheid kan geven. De kunst is om genoeg houvast te bieden én tegelijkertijd ruimte te laten voor wat er tussen groepsleden ontstaat."

Marjolein Koementas-de Vos, dr. Anton Hafkenscheid, em. prof. dr. Jos de Keijser en em. prof. dr. Frans Schalkwijk zijn de docenten op de Schierscholing 'De therapeutische relatie', 18-20 november 2026 op Schiermonnikoog. De cursus is bedoeld voor gz-psychologen, psychotherapeuten, klinisch psychologen en orthopedagoog-generalisten. Deelname is beperkt tot 22 personen. Tot 1 juli geldt een vroegboekkorting.Schrijf je nu in!